In deze tijd van ecologische crisis groeit het besef dat mensen onlosmakelijk verbonden zijn met al het leven op aarde. Voor velen heeft die verbondenheid ook een spirituele betekenis.
Het christelijke heilsverhaal
sluit daar niet altijd goed op aan. Door de nadruk op de menselijke ziel en
beperkte aandacht voor Gods aanwezigheid in de natuur, is het soms losgeraakt
van het aardse en lichamelijke bestaan.
Daarom riep paus Franciscus in de
encycliek Laudato Si’ op tot een ecologische bekering, ook binnen de
theologie. We moeten de aarde opnieuw leren zien als het gemeenschappelijke
huis van alle schepselen, waarin God aanwezig en werkzaam is. Dat vraagt om een
hernieuwde vertelling én herijking van het christelijke heilsverhaal.
In dit boek verkent Ronald Westerbeek hoe zo’n verhaal eruit kan zien vanuit het perspectief van de heilige Geest. Daarbij staat een begrip uit de vroegchristelijke en oosters-orthodoxe traditie centraal: perichorese - de ‘liefdesdans van God', zoals dichters en mystici het vaak hebben vertaald. Kunnen we de schepping weer ervaren als een plaats waar God zich laat vinden? En welke rol hebben wij in die schepping?


















